Sufjan Stevens

Gezien op 10 mei 2011 @ Koninklijk Circus, Brussel

Sufjan Stevens is zo één van die muzikanten die nooit echt voorspelbaar zijn. Misschien vooral bekend om rijkelijk georkestreerde indie-folk heeft de Amerikaanse singer-songwriter en multi-instrumentalist daarnaast nog vele andere genres geëxploreerd. Ook wat hij live doet is niet voorspelbaar. Waar hij vroeger alleen met gitaar en banjo toerde, heeft hij de laatste jaren meestal een grote band bij. Het meest recente album ‘the age of adz”, dat eind vorig jaar uitkwam, is grotendeels gebaseerd op vreemde elektronische beats, geluidseffecten en bevreemdende orkestrale arrangementen, en de folk is grotendeels naar de achtergrond gedreven. En het is dat laatste album dat hij live kwam spelen in het Koninkrijk Circus in Brussel. Onze zitplaatsen waren helemaal bovenaan, wat een goed beeld gaf over het podium en alles wat daarop gebeurde, en het geluid was heel goed. Ik was niet zeker wat ik moest verwachten, maar dat het speciaal ging zijn wist ik wel.

Het voorprogramma bestond uit een zekere DM Stith, een man met een goede stem, een akoestische gitaar en af een toe een loopstation, die op zich best een goede indruk naliet, maar hij was al bezig toen we aankwamen en stopte om 8 uur met spelen, dus veel kan ik niet zeggen over zijn set, behalve dat de laatste nummers best ok klonken… Maar ze waren vergeten bij de eerste noten van sufjan.
Sufjan valt zelf om half negen met de deur in huis en opent zonder enige vorm van aankondiging met een totaal nieuwe versie van ‘seven swans’. Direct is de toon gezet. Zowel muzikaal als visueel heel indrukwekkend is dit eerste nummer alleen al de moeite van het komen meer dan waard : Sufjan en zijn banjo’tje worden opgeluisterd met 10 andere muzikanten en nog veel meer instrumenten, bevreemdende kostuums, projecties en andere toestanden. De dynamiek tussen harde en rustige stukken is ongelofelijk, net zoals de kostuums en choreografie, die bij ‘seven swans‘ onder andere ook een paar sets grote witten zwanenvleugels inhouden. Opvallend in de meeste arrangementen zijn behalve de twee drummers (!) die aan twee kanten van het podium staan en de twee zangeressen/danseressen de opvallend aanwezige elektronica enerzijds en de blazerssectie anderzijds. Alleen de bij Sufjan meestal alomtegenwoordige banjo verdwijnt na het eerste nummer bijna volledig om amper nog gehoord te worden…

‘Sufjan leidt zijn bende goed door een set die vanaf het tweede nummer volledig uit recent materiaal bestaat. Meer dan de folk die we van hem gewoon zijn komt komen vooral space-muziek en elektronische symfonische pop naar boven in een heel afwisselend meer dan twee uur durend spektakel. We onthouden onder andere ‘too much‘ met vreemde beatjes in 7/8 en orkestrale arrangementen, het titelnummer ‘the age of adz’,  het rustigere ‘the owl and the tanager‘ met ongelofelijk mooi pianospel, een heel sterk ‘vesuvius‘ met overdonderende projecties, de folksong ‘ futile devices‘ die wordt afgesloten met vreemde solo, eigenlijk zijn alle nummers toppers… Niet alleen muzikaal maar ook visueel is er veel afwisseling, met vreemde kostuums die in blacklight helemaal psychedelisch worden, maar ook de projecties mogen er wezen. Op een bepaald moment geeft Sufjan ook een hele uitleg over de kunst van …; waarop veel van zijn album gebaseerd is, wat veel verklaart van de psychedelica die op het schizofrene af is soms.

Als ‘opus magnum’ van de avond wordt een alles omverstampende ‘impossible souls’ gespeeld van meer dan twintig minuten lang, bevreemdende popmuziek uit de interstellaire ruimte, met bizarre dansjes, zware elektronische percussie die live grotendeels door de twee drummers wordt gebracht, en een paar heel catchy dansbare stukken. Dit alles wordt opgeluisterd mét een overweldigend spektakel op het podium, met sufjan in een bizar pshychedelisch pak met enorme vleugels, en waarbij op een bepaald moment zelfs een berg ballonnen uit de lucht gevallen komt… Als de band stilvalt wordt het nummer wordt afgesloten in stilte met alleen sufjan op gitaar. Alle muzikanten hebben echt alles van zichzelf gegeven, en gaan doodvermoeid het podium af…

…Om 5 minuten later toch nog terug te komen voor een korte set met oudere bisnummers, helemaal omgekleed naar alledaagse kledij. sufjan, duidelijk aan het eind van zijn latijn, neemt plaats achter de piano voor een solo-moment met ‘concerning the UFO sighting‘, gaat daarna over op een heel mooie ‘Casimir Pulaski day‘ (mét banjo in de achtergrond!), en walst daarna uiteindelijk de zaal nog één keer plat met ‘Chigaco’. Als de outro van een engelachtig koortje verdwijnt in de stilte is het duidelijk: dit was niet zomaar een concert!

(links zijn youtube-films die anderen hebben opgenomen uit het publiek, de kwaliteit is niet altijd even denderend, maar het geeft wel een idee van hoe het was…)

Oorspronkelijk gepost op blog van Brambonius