Gungor – Ghosts Upon The Earth

Michael Gungor is een Amerikaanse muzikant en zanger die  zijn muzikale roots heeft in de praise en worship, en dan vooral in de meer rock-geörienteerde hoek daarvan. Zijn muzikaal ensemble heette vroeger heel stereotiep ‘the Michael Gungor band’, maar is sinds enkele CD’s herdoopt tot het simpelere ‘Gungor’. Simultaan met die naamsverandering is er ook een interessante muzikale evolutie waar te nemen die de grenzen van het genre niet alleen opzoekt maar ook zonder moeite verlegt. Zelf spreken ze sinds de vorige CD ‘beautiful things’ van ‘liturgische postrock’, en hoewel ik als liefhebber van het postrock-genre niet helemaal overtuigd ben dat het echt helemaal postrock is, begrijp ik wel goed wat ze bedoelen.

Muzikale ontdekkingsweg
Michael Gungor is al een tijdje ontevreden met het gemis aan creativiteit en eerlijkheid in de christelijke muziek, en probeert daar zelf een tegengif voor te geven in de muziek die hij maakt. De nieuwe plaat ‘ghosts upon the earth’ gaat nog een stuk verder de nieuwe richting in die de vorige aangegeven heeft, en geeft ons weer een waaier aan nieuwe stijlen, instrumenten en sferen. Al is het natuurlijk onmiskenbaar een album met duidelijke Christelijke inspiratie die de bedoeling heeft om God te aanbidden, desalniettemin is de muziek toch al redelijk ver verwijderd van het soms nogal voorspelbare universum van de gangbare praise en worship. Veel nummers die makkelijk bruikbaar in een normale evangelische kerksetting zijn er dan ook niet meer te vinden op ‘ghosts upon the earth’.

Michael Gungor is bovendien een heel goede muzikant én een kundig arrangeur, die deze keer de gedoodverfde elektrische distortiongitaar grotendeels achterwege heeft gelaten, maar in de plaats daarvan wel een hoop muzikanten met een hele variatie aan instrumentarium heeft weten optrommelen, wat de sound echt wel ten goede gekomen is. De rockpraise die hij ooit speelde is nu volledig vervangen door een meer orchestrale en ik durf ook zeggen sacrale pop en folk… Ik denk dat er op het album minstens evenveel verschillende instrumenten te vinden zijn als op een gemiddelde Sufjan Stevens-plaat, van gitaren tot strijkers, van banjo’s tot klarinetten en van elektronica tot koor-arrangementen. Voor echte postrock is het iets te braaf en Amerikaans afgepoleist opgenomen, en liturgisch gezien kleurt het buitan de lijntjes, maar dat doet niet af aan wat de plaat wel heeft aan kwaliteiten.

Fransiscus van assisi en onregelmatige maatsoorten
De titel ‘ghosts upon the earth’ is geleend van C.S. Lewis, die in zijn boek de grote scheiding mensen beschrijft die de hemel bezoeken, en maar heel schimmig afsteken tegen alles daar, dat veel echter is dan de wereld die wij zelf kennen. Een filosofisch idee dat al aangeeft dat het een heel overdachte plaat is, vol mooie beelden, mystieke ideëen, niet voor de hand liggende bijbelteksten en moeilijke onderwerpen. Maar bovenal wordt er een sterke liefde voor God en de schepping geuit, en veel hoop en geloof, al wordt het zeker niet altijd op de geijkte manieren verwoordt en worden moeilijkere vragen niet uit de weg gegaan.

De plaat begint stil, maar dat is de stilte voor de storm. Het eerste nummer ‘let there be light‘ begint  met een soort ritmeloze rubato met altijd meer instrumenten, en Lisa Gungor haar stem. Het is een soort muzikale weergave van de schepping, die doet denken aan C.S. Lewis (alweer!) zijn prachtige beschrijving van de schepping van Narnia in the magicians nephew. Verrassend genoeg krijg je in dit eerste nummer dus Michael zijn stem amper te horen, en is het voor het merendeel van de tijd zijn vrouw die de vocalen voor haar rekening neemt. Meteen is al duidelijk dat de inhoud van de muziek hier ver verwijderd is van de standaard worship-songs. In het erop volgende ‘brother sun‘ krijgen we een symfonische intro met fluitjes, strijkers, en een tekst met echo’s van het Zonnelied van Fransiscus van Assisi, waarmee we uitkomen op een meezing-refrein dat ‘In you we live, in you we move, in you we have our being’ uitzingt. ‘The fall” snijdt moeilijkere onderwerpen aan (de zondeval), met mooie akoestische gitaartjes en een klarinet-achtig instrument. ‘When death dies‘, een nummer dat op CD al mooi is maar waarvan deze live youtube-versie muzikaal toch iets spectaculairder is, gaat dan weer over het ongedaan maken van die zondeval, en hoe er geen dood meer zal zijn in de nieuwe hemel en aarde. In ‘Ezekiel’ wordt een R-rated stukje van de gelijknamige profeet bewerkt dat een heel andere dimensie geeft aan het thema dat soms ‘Jesus is my boyfriend’ genoemd wordt, met een ritme dat niet zomaar mee te tellen is als je probeert. (Wat ze in de praktijk doen is maten van 9 en van 8 tellen afwisselen) ‘This is not the end‘ geeft dan weer een stampende vierkwartsmaat met Sufjan-achtige koortjes en orchestraties terwijl ‘You are the beauty‘ weer voor een zoveelste stijlbreuk zorgt met bluegrass-banjo’s en swingende country… Elk nummer is de moeite waard, en de variatie van instrumenten zorgt dat je blijft luisteren.

Het geheel is een indrukwekkend werkstukje, dat niet met één luisterbeurt te vatten is, en waar meerdere luisterbeurten voor nodig zijn om de muzikale en tekstuele rijkdom van te vatten . De volledige teksten, met uitleg erbij zijn trouwens te vinden op de website van de band.

Al bij al zeker een aanrader voor wie graag eens wat anders hoort binnen de populaire christelijke muziek dan de standaard cliché’s. Zelfs voor mensen die helemaal niets hebben met christelijke muziek kan ik de CD om puur muzikale redenen aanbevelen, iets wat ik niet zo snel doe bij praise en worship en afgeleide stijlen! Michael Gungor en de zijnen hebben een prachtig werkstukje afgeleverd dat bruist van originaliteit in zowel de composities als de arrangementen, met een zeldzaam diepe en eerlijke inhoud voor het genre.

Gungor- Ghosts upon the earth (Brash Music, 2011)